KRACHTEN BUNDELEN, Perspectief voor Zeeland

//KRACHTEN BUNDELEN, Perspectief voor Zeeland

KRACHTEN BUNDELEN, Perspectief voor Zeeland

Coalitie-akkoord 2015 – 2019 CDA, VVD, SGP, PvdA

Bijdrage van Kees Bierens d.d. 10-07-2015

 

Voorzitter, collega’s, toehoorders,

 

Namens de VVD-fractie wil ik allereerst Jo-Annes de Bat, Carla Schönknecht, Harry van der Maas en Ben de Reu van harte feliciteren met hun benoeming tot gedeputeerde van de provincie Zeeland en hen succes toewensen. En ook de voorzitter, onze Commissaris van de Koning Han Polman, met wie zij het nieuwe college van Gedeputeerde Staten vormen, wil ik gelukwensen met zijn nieuwe team dat een mix is van continuïteit en vernieuwing.

De VVD-fractie rekent en vertrouwt er op dat het nieuwe college méér wordt dan de som der individuele leden en zij ziet dat ook als een inspanningsverplichting voor ieder van de gedeputeerden én de Commissaris daaraan een bijdrage te leveren in het belang van onze provincie en haar inwoners.

 

Felicitaties zijn er vanuit de VVD ook voor onze nieuwe collega’s in de Staten:

oudgediende Anton van Haperen en de jongelingen Job de Visser en onze eigen Nicole Heerkens. Welkom bij de club van 39, dame en heren !

 

Tevens wil ik de Staten van Zeeland feliciteren met het Zeeuwse coalitie-akkoord “Krachten Bundelen”, Perspectief voor Zeeland, dat nu onderwerp van debat is. En onze collega’s van de niet-coalitiepartijen of oppositiepartijen (u mag zelf aangeven hoe u in het vervolg door het leven wilt gaan; behalve bij oppositiepartij SP ik heb bij anderen toch meer een houding geproefd van positief-kritisch en van niet-coalitiepartij)   wil ik bedanken voor hun constructieve meedenken bij de totstandkoming van het akkoord en ook voor het begrip dat zij ervoor hebben getoond dat het zo lang duurde. En onze collega’s van de coalitie zijn wij erkentelijk voor de goede verhoudingen die er zijn gebleven, ook op en na momenten dat het spannend en lastig was.

 

Voorzitter, collega’s, het coalitie-akkoord 2015 – 2019 van CDA, VVD, SGP en PvdA, is een akkoord op hoofdlijnen waar de VVD zich onder de gegeven omstandigheden goed in kan vinden. Ik ga daar straks nog nader op in.

Het is al eerder gezegd, maar het akkoord moet op tal van onderdelen nog wel een nadere uitwerking en vertaling krijgen in afzonderlijke voorstellen en beleidskaders, die ter vaststelling aan de Staten zullen worden aangeboden. Bij de behandeling van de zomernota, die we overigens in het najaar zullen behandelen, en de begroting 2016 zal een eerste invulling voor het komende jaar al zichtbaar worden en zijn de Staten voor het eerst aan zet.

Een aantal partijen heeft opmerkingen gemaakt in de zin van: “Het akkoord is op sommige punten toch wel wat vaag.” Ja, dat heb je bij een akkoord op hoofdlijnen, zou ik willen zeggen.

Ik kan me nog de discussie herinneren over het vorige coalitie-akkoord toen we als coalitiepartijen het verwijt kregen dat alles dichtgetimmerd was….

Er is ruimte voor deze Staten om goede afwegingen en beslissingen te nemen over voorstellen die we van het nieuwe college met grote belangstelling tegemoet zien.

 

De focus op economische ontwikkeling wordt in de nieuwe bestuursperiode gehandhaafd, waarbij versterking van de innovatiekracht van de traditioneel sterke sectoren (en ik noem ze nog maar eens: havens en industrie, landbouw en visserij en recreatie en toerisme) én het vestigingsklimaat centraal staat. De VVD vindt dat uiteraard een belangrijke, maar ook realistische insteek als daaraan – meer dan voorheen- krachtenbundeling en samenwerking worden gekoppeld. Die focus en samenwerking hebben wij óók gedestilleerd uit de gesprekken die we als onderhandelaars met andere partijen (met u, met maatschappelijke instellingen en het bedrijfsleven) hebben gevoerd.

 

Voorzitter, we hoeven er geen doekjes om te winden dat de komende bestuursperiode geen eenvoudige wordt. De financiële positie van de provincie is allerminst rooskleurig en de opgaven zijn groot, ook als het om de beheersing van grote projecten en risico’s gaat.

Speerpunt binnen het akkoord is daarom ook een solide financieel beleid en richting meneer Verburg van de ChristenUnie zou ik willen opmerken – en misschien is dat ook een geruststelling voor hem – dat de VVD ook op dit onderdeel scherp heeft meegekeken en ook stevig heeft bijgedragen.

Een solide financieel beleid dus, waarbij het realiseren van evenwicht in inkomsten en uitgaven een vereiste is.

Daarnaast is het voor een haalbare uitvoering van het akkoord nodig dat financiële ruimte wordt gecreëerd voor bestaand én voor nieuw beleid dat gelukkig ook tot de ambities behoort. De overgangsfase 2015 – 2016 wordt benut voor een herbezinning op uitgaven en taken en daar hoort ook bij dat aan nieuwe keuzes vanuit de maatschappelijke opgaven binnen de provinciale kerntaken niet valt te ontkomen. Die keuzes zullen we gezamenlijk moeten maken.

Toch is de VVD en dat zal een aantal van u kunnen geruststellen wat minder negatief over de financiële ontwikkelingen vanaf 2017. Verwacht ik dan dat er grote zakken met geld zullen binnenkomen ? Nee, maar ik ben er toch wel van overtuigd dat we vanaf 2017 wat meer financiële ruimte krijgen. En dat heeft ook te maken met grotere rijksuitgaven waardoor we samen met het Rijk de trap weer opgaan. Ook komt er een herverdeling van het provinciefonds en de VVD heeft nog lang niet de conclusie getrokken dat we in deze periode geen dividend zullen ontvangen.

Maar de hele bestuursperiode zal het credo moeten blijven: scherp op uitgaven en actief op inkomsten. En soms zal ook fasering nodig zijn, waarbij in deze periode de start van een ambitie zal kunnen liggen, maar het afronden pas in een volgende bestuursperiode z’n beslag zal kunnen krijgen. En heel concreet, zo’n project zou Campus Zeeland kunnen zijn, waar ook wij van harte achter staan.

De rol van de provincie, collega Roeland van de SGP sprak daar ook al over, zal ook minder dan voorheen met de portemonnee in de hand worden ingevuld. Maar het stimuleren, coördineren en/of regisseren van nieuwe ontwikkelingen, het eensgezind opkomen voor Zeeuwse belangen in Den Haag en Brussel en het bevorderen van een goede samenwerking tussen bijv. Zeeuwse overheden en mét andere partners en zelf daarbij het goede voorbeeld geven hoeven naast het inzetten van menskracht niet veel geld te kosten, maar kunnen wel belangrijke vruchten afwerpen voor onze inwoners, voor het voorzieningenniveau in onze provincie en voor het Zeeuwse bedrijfsleven.

Binnen de hiervoor genoemde opgaven en rolaanpassing is vanuit Gedeputeerde Staten ook nadrukkelijk aandacht noodzakelijk voor de provinciale organisatie en de doorontwikkeling en aansturing ervan.

 

De net al verwoorde focus op economische ontwikkeling met het instellen van een economisch stimuleringsfonds, het versterken van het vestigingsklimaat waar ook goede zorg- en onderwijsvoorzieningen, cultuuraanbod en evenementen deel van uitmaken, een solide financieel beleid met herbezinning op taken en uitgaven, het vergroten van de bestuurlijke slagkracht en het versterken van de lobby in Den Haag en Brussel zijn voor de VVD belangrijke items die hun vertaling in het akkoord hebben gekregen. Maar er zijn er meer, want alleen daarvoor hadden we onze handtekening niet onder het akkoord gezet. Ik zal er hieronder nog een aantal noemen, zonder overigens volledig te zijn:

  • Voortzetting van het provinciaal beleid op het terrein van de ruimtelijke ordening met minder gedetailleerde regels, ruime verantwoordelijkheden bij gemeenten en ruimte voor maatwerk
  • Stimuleren herstructurering bedrijventerreinen en het instellen van een fonds daartoe
  • Nadruk op een effectief en efficiënt natuurbeheer door het bevorderen van samenwerking tussen natuurorganisaties en het tegengaan van overlappingen op het gebied van educatie, voorlichting e.d.
  • Verbeteren van de digitale bereikbaarheid
  • Inzet op de kenniseconomie
  • Bevorderen van een gelijk speelveld voor het Zeeuwse bedrijfsleven
  • verbeteren van de bereikbaarheid over land, water en spoor
  • Blijvende inzet op toeristische toplocaties
  • Uitbouwen van de integrale promotie van Zeeland via het “Land in Zee”- concept.

 

Voorzitter, het coalitie-akkoord draagt niet voor niets de titel “Krachten Bundelen”. Dat geldt voor binnen en buiten dit huis en is meer dan eens nodig om perspectief voor Zeeland te kunnen blijven bieden. De VVD-fractie draagt daar graag haar steentje aan bij.

 

En tenslotte en dan kom ik echt tot een afronding voorzitter…., nog een reactie op enkele opmerkingen vanuit de oppositie.

Over begrijpelijke taal in provinciestukken ben ik het met de SP eens. We hebben geprobeerd daar kritisch op te zijn in het coalitie-akkoord, maar ik moet erkennen dat er toch een paar termen in zijn geslopen die om een nadere uitleg vragen.

U had het, mevrouw Van Unen, ook over samenwerken en zei: “We zien wel wat ze gaan doen”. Volgens mij is samenwerking een zaak van twee of meer partijen, dus zijn wij net zo goed benieuwd naar de hand die u dan uitsteekt.

En tegen de ChristenUnie wil ik zeggen: u zegt tussen de regels door te hebben gekeken en gelezen dat verhoging van de opcenten motorrijtuigenbelasting voor de VVD niet bespreekbaar zou zijn. Ik zou zeggen slaat u ons verkiezingsprogramma er nog eens op na. We zijn tégen verhogingen sec, maar in noodzakelijke gevallen zijn wij niet tegen een inflatiecorrectie.

 

Voorzitter, ik heb afgerond !

 

Kees Bierens

 

Door | 2017-03-02T14:41:26+00:00 23-07-2015|

About the Author: