Kadernota Omgevingsplan 2018. Bijdrage Rene Ruissen, Statenvergadering 2 februari 2018

//Kadernota Omgevingsplan 2018. Bijdrage Rene Ruissen, Statenvergadering 2 februari 2018

Kadernota Omgevingsplan 2018. Bijdrage Rene Ruissen, Statenvergadering 2 februari 2018

Vandaag behandelen we de gewijzigde Kadernota voor de Zeeuwse Omgevingsvisie 2018, die na wijziging Kadernota Omgevingsplan 2018 is gaan heten.

Sinds 15 december jongstleden is er veel en goed werk verzet. Er is intensief overleg gevoerd met de Zeeuwse gemeenten en het resultaat daarvan is terug te zien in de gewijzigde kadernota.

 

Nog kort geleden hoorde ik een bestuurder in een andere mooie Nederlandse provincie de opmerking maken dat het nooit wat zou zijn geworden met zijn provincie als de daar bestaande overheden, en het gaat daar ook om heel wat gemeenten, niet eendrachtig zouden hebben samengewerkt.

De titel van de nieuwjaarstoespraak van onze Commissaris van de Koning luidde: “Zeeuwse kracht als basis voor samenwerking”. De commissaris schetste hoe belangrijk het is dat er samenwerking bestaat tussen overheden en trouwens ook met andere maatschappelijke organisaties. “We moeten samen de belangen in beeld brengen, samen tot afwegingen komen die de kwaliteit van de hele Zeeuwse Delta ten goede komen en respect tonen voor de soms verschillende rollen en verantwoordelijkheden die we hebben”, zei hij. Mijn fractie hoopt dat deze boodschap breed weerklank krijgt in bestuurlijk en politiek bedrijvend Zeeland. Ook als het gaat om de verantwoordelijkheid die Provinciale Staten in dit proces hebben.

VVD Statenlid René Ruissen

Voorzitter,

Op een aantal punten van de kadernota wil ik graag nog even ingaan en ook enkele voorstellen doen.

Als eerste over paragraaf 1.1, die de titel heeft van Deeltijdwonen en Centraal Bedrijfsmatige Exploitatie. Hier gaat het over het al dan niet opleggen van verhuurplicht. Mijn fractie is op zich zelf geen voorstander van verhuurplicht. Toch volgen wij het voorstel van het college om te kiezen voor voorkeursoptie C: Deeltijdwonen als aparte beleidscategorie. De introductie hiervan is al een hele verbetering ten opzichte van de huidige situatie. Veel minder woningen zijn erdoor aan huurplicht onderhevig. In dat licht bezien wij ook de overeenkomst over Cadzand-Bad en Havengebied Breskens die is gesloten door de gemeente Sluis, de provincie Zeeland en een aantal marktpartijen hierover. In die overeenkomst blijft nog maar een klein aantal woningen over waarop een verplichting tot verhuur rust. De overeenkomst is vanuit deze voorkeursvariant goed te verwerken in de beleidsnota, menen wij. En het is ook maatwerk in de regio, wat wij in zijn algemeenheid voorstaan.

Een tweede punt. Het gaat over de paragrafen 1.2 Verblijfsrecreatie en 3.4 Randen Deltawateren. Hier wordt in de kadernota gesteld dat de kaders en uitgangspunten van de Zeeuwse Kustvisie ook voor de rest van Zeeland gaan gelden. Dat kan uitgelegd worden als een één-op-één-vertaling van deze kaders en uitgangspunten en daar zijn wij geen voorstander van, ook met het oog op het nog te doorlopen traject. Door middel van een amendement en een motie proberen wij hierover genoeg duidelijkheid te creëren.

Mijn derde punt gaat over paragraaf 1.2.2 Jachthavens en Watersport. Ten opzichte van de nota die op 15 december in de Staten voorlag, zien we in de voorliggende kadernota een wijziging aangebracht in keuze B, die het college voorstelt. Mijn fractie ondersteunt die keuze, maar we willen graag de tekst van die keuze aanpassen. Wij menen dat verduidelijking dienstig is. Hiertoe dienen we een amendement in.

 

Ten slotte een opmerking over paragraaf 4.2 Stedenbeleid. In keuze B wordt gesproken van “duurzame verstedelijking uitwerken tot een prioritaire maatschappelijke opgave”. Naar de mening van de VVD-fractie is er nóg een prioritaire opgave, namelijk die van de ontwikkeling van de kernen en dorpen. Ook uitbreiding hiervan moet volgens ons kunnen.

Beide opgaven moeten, denken wij, beter met elkaar in balans staan. De SGP dient hierover een amendement in, waarvan wij mede-indiener zijn.

 

Voorzitter,

Het is de kadernota die we vandaag gaan vaststellen. Vervolgens wordt het beleid uitgewerkt in de beleidsnota: het omgevingsplan 2018. Het verschijnen daarvan wordt natuurlijk het moment waarop we zien hoe voorgesteld wordt de Zeeuwse ruimte in te vullen. Wij zien daar overigens met vertrouwen en met veel belangstelling naar uit.

Dank, voorzitter, voor de aandacht.

 

Door | 2018-02-02T10:13:31+00:00 02-02-2018|

About the Author:

Fractielid en Lid Scheldemondraad